in Taal

Dat ‘6-7’ voor mij nieuw leek, is een voorbeeld van de ‘recency illusion’

Mijn neefje van 11 zong in aanloop naar de kerstdagen: ‘I wish you a six seven Christmas and a six seven New Year.’ Daar ik al een halve boomer ben, moest ik hem vragen zijn taalhandeling toe te lichten. Iets met muziek, zei hij, met basketbal, iets met een handgebaar, ‘daar werden memes van gemaakt en het werd heel erg populair’. Zo populair, dat 6-7 in december is verkozen tot Kinderwoord van het Jaar 2025. (Dat dit langs mij heen is gegaan, zie ik als bewijs van een geslaagde vakantie.)

Dat 6-7 voor mij een nieuwe, onbekende term leek, is een voorbeeld van wat in de taalwetenschap soms de recency illusion (recentheidsillusie) wordt genoemd: als je iets pas recent hebt opgemerkt, denk je dat het recent is ontstaan, terwijl dat vaak niet zo is. De term werd gemunt door Arnold Zwicky, taalkundige aan Stanford. In Nederlandstalige teksten wordt steevast de Engelse term gebruikt, net als met bijvoorbeeld confirmation bias (bevestigingsvooroordeel) vaak het geval is.

Volgens Zwicky wordt de illusie veroorzaakt door selectieve aandacht. Ik heb weinig tijd op sociale media doorgebracht de laatste tijd – nog een bewijs van een geslaagde vakantie – en ik heb 6-7 dan gemist, maar wel een roman van Knut Hamsun gelezen. Vraag je me wat ik daarvan vond, dan zal ik je zeggen… een 8.

Als laatste een mop die u kunt vertellen als een kind in uw omgeving ‘6-7’ zegt. In het Engels, zodat de jeugd het kan volgen: Why is 6 afraid of 7? Because 7 8 9.

Geschreven voor de Volkskrant